• maart 28, 2020
  • Comments : 0
  • In Category : nieuws

Staatssecretaris Mona Keijzer roept consumenten op naar winkels te blijven gaan in de corona-crisis om zo ondernemers te steunen. Ook vraagt ze aan grote, sterkere bedrijven om kleinere uitstel van betaling te geven.

Staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat heeft het midden- en kleinbedrijf (mkb) in haar portefeuille. Het mkb zijn winkels, bedrijven en ondernemingen die tot 250 werknemers in dienst hebben. Ook bedrijven die maar enkele medewerkers hebben behoren tot het mkb. In Nederland werken 7 van de 10 mensen binnen het mkb. Keijzer vreest voor het verlies van banen. “Het zijn barre tijden. Dit gaan we allemaal merken en voelen. Denken dat we met zijn allen zonder kleerscheuren uitkomen is niet reëel.”

‘Je hoeft niet dag en nacht binnen te blijven’
“De supermarkten hebben een kerstweekend gedraaid, maar als je kijkt naar de kleding en de non-food gaat het slecht. Die hebben bijna 70 procent minder pinbetalingen”, zegt Keijzer. Ze maakt zich grote zorgen om de winkels die nu nog open zijn. Keijzer wijst op het advies van het RIVM, waarin staat dat je anderhalve meter afstand moet houden. “Maar daarin staat niet dat je dag en nacht binnen moet zitten, daarin staat dat je een frisse neus mag halen en boodschappen mag doen.”

Die boodschappen zijn niet alleen de supermarkt, maar je mag bijvoorbeeld ook kleding kopen. “Ons welzijn is voor een deel afhankelijk van onze welvaart. Onze welvaart is de economie. Dus neem de voorschriften van het RIVM in acht, maar je mag wel naar een winkel gaan, dus doe dat dan ook”, zegt Keijzer.

Help elkaar als ondernemers
Keijzer roept bedrijven ook op elkaar te helpen. “Het is nu niet de tijd om naar je contract te kijken en daar iedereen aan te houden. Het is nu de tijd om te kijken welke ruimte we elkaar kunnen geven, om straks als we door de crisis zijn, nog met zoveel mogelijk bedrijven te zijn”, zegt Keijzer.
De overheid geeft nu uitstel van betaling en dat zouden bedrijven volgens Keijzer ook moeten doen. “Ik zeg tegen bijvoorbeeld vastgoedeigenaren: als je nu zegt ‘contract is contract’, kan dat net het duwtje zijn waardoor een winkel of bedrijf omvalt.”